Een tragische brand in een appartementsgebouw in Schaarbeek heeft afgelopen zondag geleid tot het overlijden van twee personen en liet acht gewonden achter. Terwijl het parket van Brussel een onderzoek startte naar onopzettelijke doding en mogelijke huisjesmelkerij, komt nu aan het licht dat de administratieve controlemechanismen in dit specifieke geval niet hadden gegrepen.
Hoewel buurtbewoners spreken van een deplorabele staat van het gebouw en een verhuurder met een slechte reputatie, was het adres nooit geregistreerd bij de bevoegde diensten. Volgens berichtgeving van bruzz.be was de gewestelijke huisvestingsinspectie nooit ingelicht over eventuele gebreken aan het pand. Omdat er geen officiële klachten waren ingediend en er geen proactieve controles waren uitgevoerd, kon de inspectie geen sancties opleggen voordat de ramp gebeurde.
De situatie legt een complex juridisch kader bloot waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen krotverhuur en huisjesmelkerij. Krotverhuur betreft de fysieke veiligheid en de staat van de woning, waarover de gewestelijke inspectie gaat. Huisjesmelkerij daarentegen gaat over strafrechtelijke uitbuiting en woekerprijzen, wat onder de bevoegdheid van de politie en het parket valt. Zoals meldt, mag de huisvestingsinspectie geen informatie opvragen over misbruik of abnormale winsten, omdat dit buiten hun wettelijke mandaat ligt.
Getuigen uit de buurt schetsen een alarmerend beeld van de leefomstandigheden in het blok. Er wordt melding gemaakt van onveilige aansluitingen op nutsvoorzieningen en een extreem hoge bewoningsgraad, waarbij naar schatting twintig gezinnen in één blok verbleven. Vooral de veiligheid bij evacuatie was problematisch; het gehele blok beschikte volgens getuigen over slechts één uitgang, wat de vluchtwegen ernstig beperkte. Ondanks deze lokale bekendheid bleef het pand onzichtbaar voor de .
Dit incident onderstreept een structureel probleem in de Brusselse woningmarkt: kwetsbare huurders durven vaak geen aangifte te doen uit angst om hun woning te verliezen. Hierdoor komen wantoestanden vaak pas aan het licht na een catastrofe. Toch is er een stijgende trend in de repressie. Cijfers van de federale politie tonen aan dat er in 2024 maar liefst 46 processen-verbaal voor huisjesmelkerij werden opgemaakt in Brussel, gevolgd door 36 gevallen in 2025. Dit is een aanzienlijke stijging ten opzichte van tien jaar geleden.
Het parket van Brussel voert momenteel een grondig onderzoek uit om te bepalen of de verhuurder nalatig is geweest en of er sprake was van bewuste uitbuiting. De focus ligt hierbij op het vaststellen van de verantwoordelijkheid voor de onveilige situatie die tot de dodelijke brand leidde, terwijl de bevestigen dat zij geen dossier over dit specifieke adres hadden.