Torhout haalt zijn middeleeuwse glorie terug naar boven. Tijdens een grootschalig volksfeest in het centrum lanceerde de West-Vlaamse stad het erfgoedproject Tor'Oud. Dat project brengt de resultaten van recente archeologische opgravingen onder de aandacht. Die opgravingen gebeurden tijdens de vernieuwing van de stadskern.
Het hoogtepunt van de ceremonie speelde zich af bij de kerk. Vlaams minister van Erfgoed Ben Weyts (N-VA) en schepen van Cultuur Lieselotte Denolf (CD&V) onthulden er het eerste infopaneel. Dat paneel vertelt het verhaal achter de opgravingen in het stadscentrum. Volgens vrtnws.be paste het middeleeuwse feest perfect bij de lancering, aangezien Torhout in de middeleeuwen een prominente rol speelde.
Bezoekers konden meteen proeven van het dagelijkse leven van weleer. Op het programma stonden oude ambachten zoals mandenvlechten, ijzersmeden en het maken van broodjes of stoofpotjes. Wie wilde, kon deelnemen aan spelletjes, zijn haar op middeleeuwse wijze laten vlechten of zich bewijzen tijdens een riddersteekspel. Ook een aangepaste versie van de lokale paardenmarkt was aanwezig.
De gastronomie ontbrak niet. Bezoekers smulden van hesp van het spit en dronken een speciaal bier van de Houtlandse brouwers, gebrouwen volgens een middeleeuws recept.
Opvallend waren de re-enactors van de vereniging De Liebaart, die het Vlaanderen van 1302 tot leven brengen. Eén van hen is Hendrik De Lille, een 55-jarige inwoner van Kleit. Hij leerde zijn vak vijftien jaar geleden van een tachtigjarige man op de Veluwe en ziet zichzelf als de laatste echte bezembinder van Vlaanderen. Hij benadrukte hoe middeleeuwers met minimale middelen veel konden creëren. Die inventiviteit verbaast bezoekers telkens opnieuw.
Met de combinatie van educatieve infopanelen en interactieve re-enactments slaat Torhout de brug tussen wetenschappelijk archeologisch onderzoek en de beleving van inwoners en toeristen.