⚠️ KMI waarschuwing: Onweer in Noordwest-België Laatste update van KMI waarschuwingen voor België. KMI ↗ Kaart ↗ Artikel →
← Terug
Kolonisatie van Australië leidde tot toename van destructieve bosbranden

Kolonisatie van Australië leidde tot toename van destructieve bosbranden

De huidige kwetsbaarheid van het Australische landschap voor catastrofale bosbranden is niet enkel het gevolg van moderne klimaatverandering, maar vindt haar oorsprong in historische verschuivingen in landbeheer. Een recente wetenschappelijke analyse van sedimenten in Zuidoost-Australië suggereert dat de Britse kolonisatie en de daaropvolgende verdrijving van inheemse gemeenschappen hebben geleid tot een explosieve toename van de boombedekking, wat het risico op intense vuurzeeën aanzienlijk heeft vergroot.

Voor de komst van de Europese kolonisten werd het landschap in deze regio beheerd door de GunaiKurnai. Deze inheemse gemeenschap maakte gedurende millennia gebruik van specifieke culturele verbrandingspraktijken om de vegetatie in toom te houden. Uit onderzoek naar pollen in meersedimenten blijkt dat dit resulteerde in een open boslandschap. Volgens een analyse van newscientist.com was de boombedekking in een periode van 800 jaar slechts ongeveer 10 procent, wat wijst op een zeer effectieve beheersing van de natuur door de oorspronkelijke bewoners.

Om deze historische trend vast te leggen, heeft een onderzoeksteam onder leiding van Michael-Shawn Fletcher van de Universiteit van Melbourne een boorkern van één meter diep geëxtraheerd uit de bodem van Lake Elusive (ook bekend als Purghagoolah). Dit meer bevindt zich in het Croajingolong National Park en heeft een stroomgebied van circa 10.000 vierkante kilometers. Door de kern in zeer kleine intervallen van 0,5 centimeter te analyseren, konden de wetenschappers een abrupte verandering in de sedimentafzetting waarnemen die ongeveer 200 jaar geleden plaatsvond.

Deze verschuiving in de data valt precies samen met de periode van de Britse kolonisatie. De resultaten tonen aan dat de actieve beheersing van het land stopte toen de inheemse bevolking werd verdreven. Dit leidde tot een ongekende groei van de dichtheid van eucalyptusbossen. In de berichtgeving van wordt uitgelegd dat deze transitie van open bossen naar dichte wouden de hoeveelheid beschikbare brandstof in het landschap drastisch heeft verhoogd.

Michael-Shawn Fletcher stelt dat de huidige catastrofale branden het product zijn van deze wijzigingen in landgebruik en de impact van de kolonisatie. Hoewel stijgende temperaturen en extreme droogte de situatie verergeren, vormt de enorme hoeveelheid brandbare eucalyptusbomen de fysieke basis voor de intensiteit van de branden. Een voorbeeld hiervan was de zogenaamde "black summer" van 2019-2020, waarbij naar schatting 24 miljoen hectare land in vlammen opging. Zoals beschreven door , is deze ecologische situatie mede ontstaan door het negeren van traditionele inheemse methoden.

De bevindingen benadrukken dat de huidige staat van de natuur in gebieden zoals het Croajingolong National Park, waar menselijke interventie nu minimaal is, het resultaat is van een evolutie zonder de sturende hand van de GunaiKurnai. De studie concludeert dat de historische breuk in landbeheer een directe link heeft met de huidige brandgevoeligheid van de regio. De volledige context van dit onderzoek is terug te vinden via .

Geraadpleegde bronnen
PexelsKvia Pexels
Lees origineel artikel — Nieuws
Waardering
0
Stem mee op dit artikel
Discussie
Nog geen reacties. Wees de eerste!