Ongeveer 5,5 miljoen jaar geleden droogde de Middellandse Zee vrijwel volledig op. Die periode staat bekend als de Messinische zoutcrisis. Het gevolg: gigantische zoutafzettingen, ook wel 'zoutreuzen' genoemd, die op sommige plekken wel drie kilometer dik zijn.
Waarom de zee opdroogde, weten wetenschappers vrijwel zeker: de watertoevoer vanuit de Atlantische Oceaan nam sterk af. Maar hoe dat proces precies verliep, blijft onderwerp van debat. Een belangrijke vraag is of de verbinding met de oceaan volledig verbroken werd.
Emmanuel Guillerm, verbonden aan het GFZ Helmholtz Centre for Geosciences in Potsdam, wijst op een probleem. Veel huidige modellen negeren een essentieel fysiek principe: de relatie tussen zoutgehalte en verdamping.
Volgens newscientist.com zou een steeds zouter wordende zee in theorie moeten stoppen met krimpen. Zout remt namelijk de verdamping van water. Dat effect doorbreek je alleen als de lucht boven het water extreem droog is, of als het water veel warmer is dan de omgevingslucht.
🧠 Even simpel uitgelegd
Stel dat je een pan zout water op het aanrecht laat staan. Hoe meer zout er in het water zit, hoe moeilijker het water verdampt. Je zou dus verwachten dat een zoute zee nooit helemaal kan uitdrogen. Toch gebeurde dat met de Middellandse Zee. Om te snappen hoe dat kan, kijken onderzoekers naar de Dode Zee — het zoutste en zoutste water op aarde, dat nu zelf aan het krimpen is. Wat daar gebeurt, vertelt ons iets over wat er 5,5 miljoen jaar geleden in de Middellandse Zee gebeurde.
De Dode Zee als levend laboratorium
Om deze complexe interacties te begrijpen, gebruikte het team van Guillerm de Dode Zee als modern referentiekader. Lange tijd had de Dode Zee een stabiele structuur met een duidelijke gelaagdheid: een zware, zoute laag op de bodem, met daarboven een lichtere laag. Die bovenlaag kreeg constant zoet water uit de Jordaan, wat de natuurlijke verdamping in balans hield.
Die balans is door de mens verstoord. Landbouw en stedelijke gebieden nemen steeds meer water uit de Jordaan af. Daardoor nam de instroom in de Dode Zee af en verdween het dichtheidsverschil tussen de waterlagen sinds 1979 elke winter. De bovenlaag is inmiddels zo zout dat hij bij afkoeling zwaarder wordt en naar de bodem zinkt.
De gevolgen zijn meetbaar en ingrijpend. Sinds die omslag in 1979 is het waterpeil van de Dode Zee met 40 meter gedaald.
Nieuwe inzichten voor een oud mysterie
Precies deze observaties bieden cruciale inzichten voor de reconstructie van de Middellandse Zee van miljoenen jaren geleden. De manier waarop de Dode Zee reageert op een tekort aan zoet water en een stijgend zoutgehalte, helpt onderzoekers begrijpen hoe de Middellandse Zee destijds kon krimpen tot het punt waarop de enorme zoutlagen ontstonden.
De studie suggereert dat dit verdampingsproces tijdens de Messinische zoutcrisis een veel prominentere rol speelde dan eerdere wetenschappelijke modellen aannamen. Dankzij dit inzicht kunnen wetenschappers nu nauwkeuriger bepalen onder welke omstandigheden een zee extreem kan inkrimpen — ondanks de remmende werking van zout op verdamping.