Goed nieuws uit Vlaanderen: voor het eerst daalt het aantal nieuwe gevallen van asbestkanker. Dat blijkt uit een recente studie van het Departement Zorg. De daling geldt zowel voor diagnoses als voor overlijdens — en is het sterkst in regio's waar vroeger asbestverwerkende bedrijven actief waren.
Het gaat om mesothelioom, een ernstige en zeldzame kanker die de vliezen rond de longen aantast. Volgens respiratoir oncoloog Jan Lamont van het AZ Maria Middelares in Gent ontstaat deze kanker, op basis van de beschikbare literatuur, uitsluitend door blootstelling aan asbest. Andere factoren zouden mogelijk een rol kunnen spelen, maar die zijn momenteel niet bekend. Zoals bericht door vrtnws.be, geldt mesothelioom daardoor als een cruciale graadmeter om de langetermijngevolgen van asbestgebruik in de bevolking op te volgen.
Waarom zien we de daling pas nu? Dat heeft alles te maken met de lange latentieperiode van de ziekte. Oncoloog Lamont legt uit dat de kanker gemiddeld pas 30 tot 40 jaar na de eerste blootstelling aan asbest manifest wordt.
De cijfers vertellen dit verhaal: bij mannen bereikten het aantal diagnoses en sterfgevallen een piek tussen 2010 en 2015, waarna de trend omsloeg. Bij vrouwen is een vergelijkbare ontwikkeling zichtbaar, al komt de ziekte bij hen aanzienlijk minder vaak voor. Mannen worden gemiddeld zes keer vaker getroffen dan vrouwen — vooral mannen die tijdens hun loopbaan aan grote hoeveelheden asbest werden blootgesteld.
De huidige daling hangt samen met de geleidelijke afname van de invoer en het gebruik van asbest in de industrie, die al begon aan het einde van de jaren 70. "Deze vroege afname wordt nu voor het eerst vertaald in minder diagnoses", zegt Joris Moonens, woordvoerder van het Departement Zorg.
Maar er is ook een kanttekening. De komende jaren zullen nog steeds mensen de diagnose longvlieskanker krijgen, als gevolg van blootstellingen uit het verleden. Nieuwe behandelingen verbeteren de overlevingskansen, maar die blijven volgens de medische experts nog steeds beperkt.